Stichting Bouwstenen voor Dierenwelzijn is een vermogensfonds, ook wel een “fonds” genoemd. Bij een vermogensfonds is het eigen vermogen de motor van de werkzaamheden. Dat wil zeggen dat bijdragen aan projecten en/of personen uitsluitend uit de opbrengsten van het eigen vermogen worden gefinancierd. Het oorspronkelijke vermogen blijft onaangetast.

Stichting Bouwstenen voor Dierenwelzijn is geen fondsenwervende instelling en ontvangt geen subsidies of loterijgelden. De stichting werft ook geen geld bij derden voor haar giftenbudget. Alle door de stichting ontvangen giften, schenkingen, legaten en nalatenschappen worden toegevoegd aan het kapitaal, zodat de stichting blijvend een bijdrage kan leveren aan maatschappelijke en goede doelen. Het vermogen van de stichting wordt als één geheel op een gedegen manier beheerd en geadministreerd.

Stichting Bouwstenen voor Dierenwelzijn is als vermogensfonds lid van de Vereniging van Fondsen in Nederland (FIN), de brancheorganisatie voor vermogensfondsen.

Stichtingen register
De Stichting is ingeschreven in het Stichtingenregister onder nummer 411 66 1162

 

Diervriendelijke projecten

Uit de opbrengst geven wij subsidies aan projecten voor opvang en verzorging van dieren of ter voorkoming van dierenleed. Projecten ter instandhouding van bedreigde diersoorten vallen hier ook onder. In principe gaat het om projecten in Nederland.

Lemstra Prijs

Mevrouw Lemstra- van Beusekom richtte op 24 maart 1987 haar stichting op met de intentie bepaalde doelen, met namen op het gebied van dierenwelzijn te begunstigen. Maar meer nog dan het financieel ondersteunen van deze doelen wilde ze het respect in de omgang met dieren stimuleren en zij stelde daartoe de Lemstra Prijs in.
Deze prijs wordt zo mogelijk jaarlijks uitgereikt aan degene die een goede daad jegens één of meer dieren heeft verricht. Geheel in de geest van haar wensen heeft het bestuur zich vooral gericht op mensen die op kleinschalige wijze zich inzetten voor opvang van dieren in hun naaste omgeving.
De eerste prijs werd in 1993 uitgereikt aan Bas Postma uit Den Horn, die met een zelfgemaakte “dierenambulance” aan zijn fiets zieke en gewonde dieren ophaalde, deze verzorgde en naar de dierenarts bracht. Daarna volgden allerlei dierenliefhebbers die zich inzetten voor egels, honden, katten, zeevogels, papagaaien, enz.. Al deze mensen zijn steeds aan de basis en kleinschalig bezig met het opvangen van dieren en laten zien dat ook kleine dieren, dichtbij huis de moeite waard zijn en een goed dierenleven verdienen. De prijs bestaat uit een geldbedrag waarbij duidelijk wordt gesteld dat het niet de bedoeling is dit te besteden aan de opvang van dieren maar nu eens aan zichzelf om bepaalde wensen te vervullen.
Als er ter verwezenlijking van hun doel financiële ondersteuning nodig is zal Stichting Bouwstenen zeker kijken naar de mogelijkheid om daarin tegemoet te komen.

1992 Bas Postma uit Den Horn – eigengemaakte dierenambulance
1993 De heer en mevrouw Groothedde te Epe – egel- en eekhoornasiel
1995 Mevrouw W.Lutters – opvang kittens Dierenbescherming en Stichts Asiel te Utrecht
1996 Mevrouw B. Gerretsen- de Jong uit Simonshaven – opvang dieren en vogels
1997 Mevrouw Betty Muler-Kouters uit Weert – opvang zwerfkatten Midden-Limburg
1999 Marjan en Jan Haaima te Vorden – opvang papagaaien en andere vogels
2001 Ali Kruize en Jeroen Koedam – opvang dieren in Gorichem en omgeving
2002 Violette Sandersopvang varkens in ’t Swieneparradis in Nieuw Scheemda
2004 Veronika Jong van ‘Op Herme’ in Eli – opvang paarden, pony’s, poezen
2006 Anna van Lith van Dieren – piramide in Gasseltenijveen poezen, honden
2007 Petra en Toon Lesterade van Stichting Vogelasiel Noah in Halle
2008 Tinus Habich medewerker van Egelopvang in Den Haag
2009 Helga Rosier van Stichting Mens, Dier en Natuur in Woudenberg, Opvang vogels en terugplaatsing in de natuur
2010 Nel Brand – Stichting Het Musschennest te Kloosterburen – opvang katten en vogels
2011 Fred Ubels van Knaag- en Ko-knaagdierenopvang Utrecht
2014 Maria C. van Driel- Vogelopvangcentrum Zaanstreek in Krommenie
2017 Vera van Koten en Harry Dekkers van de Ezelsociëteit in Zeist
2018 Maria Helena Drijgers van Stichting De Scheldekat – opvang zwerfkatten en terugplaatsing

In de loop der jaren zijn de volgende prijzen uitgereikt

1992 Bas Postma uit Den Horn – eigengemaakte dierenambulance
1993 De heer en mevrouw Groothedde te Epe – egel- en eekhoornasiel
1995 Mevrouw W.Lutters – opvang kittens Dierenbescherming en Stichts Asiel te Utrecht
1996 Mevrouw B. Gerretsen- de Jong uit Simonshaven – opvang dieren en vogels
1997 Mevrouw Betty Muler-Kouters uit Weert – opvang zwerfkatten Midden-Limburg
1999 Marjan en Jan Haaima te Vorden – opvang papagaaien en andere vogels
2001 Ali Kruize en Jeroen Koedam – opvang dieren in Gorichem en omgeving
2002 Violette Sandersopvang varkens in ’t Swieneparradis in Nieuw Scheemda
2004 Veronika Jong van ‘Op Herme’ in Eli – opvang paarden, pony’s, poezen
2006 Anna van Lith van Dieren – piramide in Gasseltenijveen poezen, honden
2007 Petra en Toon Lesterade van Stichting Vogelasiel Noah in Halle
2008 Tinus Habich medewerker van Egelopvang in Den Haag
2009 Helga Rosier van Stichting Mens, Dier en Natuur in Woudenberg, Opvang vogels en terugplaatsing in de natuur
2010 Nel Brand – Stichting Het Musschennest te Kloosterburen – opvang katten en vogels
2011 Fred Ubels van Knaag- en Ko-knaagdierenopvang Utrecht
2014 Maria C. van Driel- Vogelopvangcentrum Zaanstreek in Krommenie
2017 Vera van Koten en Harry Dekkers van de Ezelsociëteit in Zeist
2018 Maria Helena Drijgers van Stichting De Scheldekat – opvang zwerfkatten en terugplaatsing

Hugo van Poelgeest prijs

De prijs is in de jaren ‘60 ingesteld door mevrouw Van Poelgeest-Spatkova. Zij zag de instelling van de prijsvraag als een hommage aan haar echtgenoot Hugo van Poelgeest die zich tijdens zijn leven grote persoonlijke offers had getroost voor het welzijn van dieren en die samen met zijn echtgenote de Stichting Bouwstenen voor Dierenbescherming had opgericht (hij was directeur van een steenfabriek).

 In zijn  naam moest een prijsvraag voor alternatieven voor dierproeven gestalte krijgen. Het is de Leidse hoogleraar De Jongh geweest die met grote voortvarendheid de prijsvraag zijn vorm heeft gegeven. Het is aan zijn initiatief te danken dat de prijsvraag een wetenschappelijke uitstraling kreeg, die voor het eerst tot uitdrukking kwam in de uitreiking van de prijs aan Dr Kwa in het jaar 1967 voor zijn bijdrage aan de ontwikkeling van een nieuwe methode voor de kwantitatieve bepaling van Prolactine. 

Vervolgens werden nog twaalf prijzen uitgereikt .

2014 Drs. Stefan Braam, Dr. Robert Passier en dr. Christine Mummery “Voorspelling van stoffen met hartritme verstoringen met behulp van humane  embryonale stamcellen die  hartcellen zijn geworden” (LUMC Leiden)”

In 2010  ontving Dr. Menk Prinsen “De vervanging  van de Draize konijnen proef voor de oog irritatie, door de Isolated Chicken Eye (ICE) test op het hoornvlies van een oog afkomstig uit slachtafval van kippen. ( TNO Zeist)” In 2010  heeft de OESO dit alternatief geaccepteerd als verantwoorde voorspelling voor bijtende stoffen, waardoor geen dierproeven meer hoeven te worden gedaan om de “onveiligheid” van o.a. schoonmaakmiddelen te testen.

In 2006  ontvingen John Mulders en Marga Peters van Organon de vierjaarlijkse Hugo van Poelgeestprijs voor alternatieven. Beiden krijgen de prijs voor hun gezamenlijke inzet om belastende dierstudies die in 1995 nog het merendeel van dierproeven bij Organon uitmaakten nagenoeg geheel terug te dringen. Bijzonder is dat deze inspanningen met niet aflatende motivatie zijn uitgevoerd binnen een commercieel bedrijf dat aan internationale regelgeving voor produktveiligheid moet voldoen.

In 2002 kreeg Sarah Bull (Utrecht) de prijs voor haar inzet om belastende toxiciteitstudies bij dieren te vervangen door een reeks van testen in celcultures. Hierbij worden de modernste inzichten in de moleculaire biologie ingezet om voorspellingen te doen ten aanzien van medicijngebruik bij mensen. Nieuw is dat Bull genetisch gemodificeerde cellen gebruikt die dichter bij de menselijke werking van de lever komen dan tot nog toe was bereikt in conventionele kweek van levercellen. Zij ontving de prijs uit handen van Bob van den Bos, Europarlementariër, ‘dierbeschermer van het jaar’ (1995) en voorzitter van het Platform voor Alternatieven.

In 1998 heeft de toenmalige staatsecretaris mevr. E. Terpstra de prijs uitgereikt. Het betrof mevr. dr. Geny Groothuis (Groningen), een jonge en dynamische vrouw die een hoge kwaliteit aan toxicologisch onderzoek weet te bereiken dankzij haar doorbraken in de ontwikkeling van in vitro technieken met dunne weefselcoupes van diverse menselijke organen. Zij was naar de mening van de wetenschappelijke jury een lichtend voorbeeld van het streven naar verminderd diergebruik.

In  1994  ontving  dr. Maria Ponec  (Leiden) de prijs. Zij ontwikkelde een techniek waardoor het mogelijk wordt menselijke huidcellen als een volwaardige huid te kunnen laten uitgroeien in een petrischaaltje. Haar inzet en succes om de basale processen van de huid te bestuderen in een spontaan groeiende huid onder gecontroleerde laboratoriumcondities, kan de oplossing worden om de huidirritatie-testen op dieren terug te dringen en uiteindelijk te vervangen. Dankzij deze prijs heeft het onderzoek van mw. Ponec  extra ondersteuning gekregen van de medische faculteit Leiden en is zij internationaal doorgebroken.

In 1990 ging de prijs naar de Hersenbank  te Amsterdam (prof.dr. Dick Swaab) die door zijn inzet een voorbeeld geeft hoe menselijk weefsel een alternatief voor fundamenteel onderzoek aan degeneratieve ziekten van de hersens kan zijn.

 1987:  Dr van Ree van het Rudolph Magnus Instituut te Utrecht voor de in zijn dissertatie uitgewerkte studie inzake het zelf injectiegedrag van ratten.

1983 Dr Mareel van het Academisch Ziekenhuis te Gent voor diens vergelijkend onderzoek naar het gedrag van neoplastische (dat zijn kankercellen) en niet neoplastische cellen, na transplantatie in het jonge kippenei.

1979 De heren Schuurs en van Wijngaarden van N.V. Organon voor een verbeterde immunologische bepaling van de gonadotrofe hormonen in urine, van belang voor de vroege diagnostiek van zwangerschap en van storingen in de vruchtbaarheid. 

1975 Het Instituut van Tropische en Protozoaire ziekten van de Faculteit der Diergeneeskunde van de Rijksuniversiteit te Utrecht, waar een methode was ontwikkeld ter bewaring van parasitaire protozoën, van betekenis voor onder andere de bereiding van vaccins tegen protozoaire ziekten, zoals tegen malaria;

1971 Ir. A.L. van Wezele en Drs B.C. Kruit voor een nieuwe procedure bij de bereiding van polio vaccins

1967  Dr Kwa ontving als eerste de Hugo van Poelgeestprijs in het jaar 1967 voor zijn bijdrage aan de ontwikkeling van een nieuwe methode voor de kwantitatieve bepaling van Prolactine.

Nadat dus vele jaren met succes de prijs was uitgereikt bleek het steeds moeilijker om tot goede kandiaten te komen, omdat de onderzoeken steeds langer gingen duren en meer instellingen voor deze onderzoeken een prijs gingen uitreiken.

Naar aanleiding van onderzoek uitgevoerd in 2017/2018 is er gekozen voor een nieuwe aanpak voor de Hugo van Poelgeest prijs 2020. In de gevoerde interviews werd geconstateerd dat het moeilijk is om talentvolle PhD-studenten te ondersteunen in hun verdere carrière door de sterke (internationale) competitie voor postdoc.posities. Uit het onderzoek bleek dat het vermelden in het cv van een ontvangen prijs voor innovatieve technologieën, bijdraagt aan de kans om zo’n positie toegekend te krijgen.

Om de nieuwe vorm te geven en te promoten hebben de stichting Bouwstenen en de stichting Proefdiervrij de handen ineen geslagen.

Deze vernieuwde Hugo van Poelgeest prijs legt de nadruk op methodiekontwikkeling om doorbraken op het gebied van dierproefvrije innovaties mogelijk te maken.De prijs uit een geldbedrag van € 3.000. Daarnaast krijgt de top 3 van de genomineerden de mogelijkheid om een video om zijn/haar onderzoek te promoten.

Zie lijst van prijswinnaars sinds 1967

2014 Drs. Stefan Braam, Dr. Robert Passier en dr. Christine Mummery “Voorspelling van stoffen met hartritme verstoringen met behulp van humane  embryonale stamcellen die  hartcellen zijn geworden” (LUMC Leiden)”

In 2010  ontving Dr. Menk Prinsen “De vervanging  van de Draize konijnen proef voor de oog irritatie, door de Isolated Chicken Eye (ICE) test op het hoornvlies van een oog afkomstig uit slachtafval van kippen. ( TNO Zeist)” In 2010  heeft de OESO dit alternatief geaccepteerd als verantwoorde voorspelling voor bijtende stoffen, waardoor geen dierproeven meer hoeven te worden gedaan om de “onveiligheid” van o.a. schoonmaakmiddelen te testen.

In 2006  ontvingen John Mulders en Marga Peters van Organon de vierjaarlijkse Hugo van Poelgeestprijs voor alternatieven. Beiden krijgen de prijs voor hun gezamenlijke inzet om belastende dierstudies die in 1995 nog het merendeel van dierproeven bij Organon uitmaakten nagenoeg geheel terug te dringen. Bijzonder is dat deze inspanningen met niet aflatende motivatie zijn uitgevoerd binnen een commercieel bedrijf dat aan internationale regelgeving voor produktveiligheid moet voldoen.

In 2002 kreeg Sarah Bull (Utrecht) de prijs voor haar inzet om belastende toxiciteitstudies bij dieren te vervangen door een reeks van testen in celcultures. Hierbij worden de modernste inzichten in de moleculaire biologie ingezet om voorspellingen te doen ten aanzien van medicijngebruik bij mensen. Nieuw is dat Bull genetisch gemodificeerde cellen gebruikt die dichter bij de menselijke werking van de lever komen dan tot nog toe was bereikt in conventionele kweek van levercellen. Zij ontving de prijs uit handen van Bob van den Bos, Europarlementariër, ‘dierbeschermer van het jaar’ (1995) en voorzitter van het Platform voor Alternatieven.

In 1998 heeft de toenmalige staatsecretaris mevr. E. Terpstra de prijs uitgereikt. Het betrof mevr. dr. Geny Groothuis (Groningen), een jonge en dynamische vrouw die een hoge kwaliteit aan toxicologisch onderzoek weet te bereiken dankzij haar doorbraken in de ontwikkeling van in vitro technieken met dunne weefselcoupes van diverse menselijke organen. Zij was naar de mening van de wetenschappelijke jury een lichtend voorbeeld van het streven naar verminderd diergebruik.

In  1994  ontving  dr. Maria Ponec  (Leiden) de prijs. Zij ontwikkelde een techniek waardoor het mogelijk wordt menselijke huidcellen als een volwaardige huid te kunnen laten uitgroeien in een petrischaaltje. Haar inzet en succes om de basale processen van de huid te bestuderen in een spontaan groeiende huid onder gecontroleerde laboratoriumcondities, kan de oplossing worden om de huidirritatie-testen op dieren terug te dringen en uiteindelijk te vervangen. Dankzij deze prijs heeft het onderzoek van mw. Ponec  extra ondersteuning gekregen van de medische faculteit Leiden en is zij internationaal doorgebroken.

In 1990 ging de prijs naar de Hersenbank  te Amsterdam (prof.dr. Dick Swaab) die door zijn inzet een voorbeeld geeft hoe menselijk weefsel een alternatief voor fundamenteel onderzoek aan degeneratieve ziekten van de hersens kan zijn.

 1987:  Dr van Ree van het Rudolph Magnus Instituut te Utrecht voor de in zijn dissertatie uitgewerkte studie inzake het zelf injectiegedrag van ratten.

1983 Dr Mareel van het Academisch Ziekenhuis te Gent voor diens vergelijkend onderzoek naar het gedrag van neoplastische (dat zijn kankercellen) en niet neoplastische cellen, na transplantatie in het jonge kippenei.

1979 De heren Schuurs en van Wijngaarden van N.V. Organon voor een verbeterde immunologische bepaling van de gonadotrofe hormonen in urine, van belang voor de vroege diagnostiek van zwangerschap en van storingen in de vruchtbaarheid. 

1975 Het Instituut van Tropische en Protozoaire ziekten van de Faculteit der Diergeneeskunde van de Rijksuniversiteit te Utrecht, waar een methode was ontwikkeld ter bewaring van parasitaire protozoën, van betekenis voor onder andere de bereiding van vaccins tegen protozoaire ziekten, zoals tegen malaria;

1971 Ir. A.L. van Wezele en Drs B.C. Kruit voor een nieuwe procedure bij de bereiding van polio vaccins

1967  Dr Kwa ontving als eerste de Hugo van Poelgeestprijs in het jaar 1967 voor zijn bijdrage aan de ontwikkeling van een nieuwe methode voor de kwantitatieve bepaling van Prolactine.

Nadat dus vele jaren met succes de prijs was uitgereikt bleek het steeds moeilijker om tot goede kandiaten te komen, omdat de onderzoeken steeds langer gingen duren en meer instellingen voor deze onderzoeken een prijs gingen uitreiken.

Naar aanleiding van onderzoek uitgevoerd in 2017/2018 is er gekozen voor een nieuwe aanpak voor de Hugo van Poelgeest prijs 2020. In de gevoerde interviews werd geconstateerd dat het moeilijk is om talentvolle PhD-studenten te ondersteunen in hun verdere carrière door de sterke (internationale) competitie voor postdoc.posities. Uit het onderzoek bleek dat het vermelden in het cv van een ontvangen prijs voor innovatieve technologieën, bijdraagt aan de kans om zo’n positie toegekend te krijgen.

Om de nieuwe vorm te geven en te promoten hebben de stichting Bouwstenen en de stichting Proefdiervrij de handen ineen geslagen.

Deze vernieuwde Hugo van Poelgeest prijs legt de nadruk op methodiekontwikkeling om doorbraken op het gebied van dierproefvrije innovaties mogelijk te maken.De prijs uit een geldbedrag van € 3.000. Daarnaast krijgt de top 3 van de genomineerden de mogelijkheid om een video om zijn/haar onderzoek te promoten.